Maarten Stoffels, 6 Sep 2008 09:11 hours Douala, Cameroon Plan voor de toekomst Na een week in mijn spreekkamer (foto 1), luisterend naar een lange reeks artsen, verpleegkundigen, laboranten en administrateurs weet ik veel van het ziekenhuis. Men is trots op Bonanjo. “Het is de beste kliniek van Kameroen.” En er is ook alle reden om trots te zijn. Patiënten worden als klant behandeld, het kort houden van wachttijden is een constant punt van aandacht, de kwaliteit van zorg is goed voor zover ik dat kan beoordelen. Medewerkers zijn gelukkig als de klant tevreden is. De voorzieningen zijn goed, zoals te zien is op foto 2 van de verloskamer.
Maar er zijn ook problemen. Het personeelsbeleid zit nog in de fase van discipline en controleren. Daar wordt over geklaagd, “We willen meer eigen verantwoordelijkheid.” Motiveren (we horen het alleen als we het NIET goed doen), delegeren en betrekken van medewerkers bij besluiten moeten ontwikkeld worden. Ik weet nog niet helemaal zeker wat er op dit punt allemaal mogelijk is in deze cultuur, maar men vraagt er wel om.
Velen klagen dat het salaris te laag is, maar de kliniek betaalt veel meer dan andere ziekenhuizen en “Ze klagen wel, maar nemen geen ontslag. We hebben een heleboel sollicitanten.” Een van de verschillen is dat andere werkgevers toestaan om een bijbaan te hebben en Bonanjo niet. “We willen geen belangenconflicten en we willen onze mensen ook wakker op het werk hebben.”
Zo zijn er meer dingen waarover ik volgende week verder ga praten. Gebrek aan nascholing en aan carrièremogelijkheden, een overlegstructuur die wat uitgebreid zou kunnen worden, relaties met de buitenwereld die niet routinematig worden onderhouden en een beperkte inzet van automatisering zijn zo wat onderwerpen waar ik het over wil hebben.
Directeur, oprichter en eigenaar Muna wil binnen een jaar met pensioen. En dat is het echte probleem. Het hele ziekenhuis draait om deze charismatische en zeer hoogstaande chirurg. Hij heeft het allemaal opgebouwd. Hoe moet het verder zonder hem? Ik heb met hem afgesproken dat we de komende twee weken, in een aantal bijeenkomsten met sleutelfiguren, gaan proberen om een plan op te stellen voor de komende jaren. Ik ben ontzettend benieuwd of dat gaat lukken.
Twee dagen geleden werd ik uitgenodigd voor de lunch in huize Muna, samen met een aantal mensen uit het noorden. (foto 3) Ik maakte waarderende opmerkingen over kleding, vooral over de man in de kleurige jurk (“Overgenomen van de islamieten”.) Ik zat er wat simpel gekleed bij. Dr Muna zette zijn pretoogjes aan en zei: “Het is wonderlijk hoe snel cultuur verandert. Toen de missionarissen voor het eerst ons land binnenkwamen troffen ze ons vrijwel naakt aan, met een lendendoekje. Dat vonden ze maar niets en nu lopen we in grijs pak met stropdas. Ik was kortgeleden in Amerika en bezocht daar ook het strand. De hoeveelheid kleren die ik daar zag stak wel erg mager af bij onze lendendoekjes.”
Ik werd van harte uitgenodigd om, net als de man met de stropdas op de foto, met mijn vingers te eten. En zo geniet ik van de Afrikaanse cultuur, met zijn trotse mensen. Ik kom op straat prachtig dames tegen (foto 4). En ook al die mensen die hun spullen op het hoofd dragen. Het is een raadsel hoe dat altijd goed gaat. Er zijn er die een dienblad, zonder opstaande rand, vol met pinda’s op hun hoofd hebben zonder dat er één afvalt. Ik kocht gisteren mijn lunchbroodje bij iemand met een hoge berg op zijn hoofd. Ik moest het broodje er wel zelf uithalen. Er zijn er zelfs met een schoen op het hoofd, een artikel dat hier overal op straat wordt verkocht.
De onveiligheid op straat als het donker is zorgt er helaas voor dat ik niet zonder begeleiding uit kan, maar er zijn gelukkig mensen die me wel willen meenemen en zo at ik echt Kameroens eten in een leuk restaurant (foto 5)
|